Waarom databeschikbaarheid cruciaal is voor de zorg van morgen
Zorgprofessionals zijn hun vak niet ingegaan om hun dagen te vullen met bellen, zoeken en het napluizen van dossiers. Toch is dat voor velen dagelijkse praktijk. Tijdens een speciale aflevering van de podcast Van Zorg Verzekerd, opgenomen op het ICT & Health congres in Maastricht, gingen vier experts in gesprek over databeschikbaarheid in de zorg. Hun conclusie is duidelijk: zonder goede, toegankelijke en kwalitatieve data lopen zowel patiënten als zorgverleners vast.
Aan tafel zaten Petra Wormser, algemeen directeur van Zorgverzekeraars Nederland, internist Cox van de Weg, Michiel Pot (directeur-bestuurder van Zorgnet Oost en programmadirecteur Versneld verbinden) en Huub Hopman, specialist ecosystemen bij zorgverzekeraar VGZ.
Luister de podcast of lees verder.
Zorg leveren met halve informatie
Voor internist Cox van de Weg is databeschikbaarheid geen beleidsvraagstuk, maar dagelijkse realiteit. In het academisch ziekenhuis waar zij werkt, ziet zij veel patiënten die vanuit andere ziekenhuizen zijn doorverwezen. Bij het eerste consult blijken de medische gegevens vaak onvolledig.
Dat leidt tot vertraging. Voor de arts, maar vooral voor de patiënt. Zonder compleet beeld kan er geen goed behandelplan worden gemaakt en moeten mensen regelmatig opnieuw naar het ziekenhuis komen. Dat zorgt voor extra belasting, onbegrip en frustratie. Precies wat je als patiënt niet verwacht wanneer je bij een specialist aanschuift.
Veel patiënten gaan er immers vanuit dat hun arts al over alle relevante informatie beschikt. Dat blijkt in de praktijk vaak niet zo. Toestemming voor gegevensuitwisseling maakt het bovendien ingewikkeld. Wat is al gedeeld en wat niet? Voor patiënten is dat nauwelijks te overzien.
Van fax naar pdf, maar nog steeds versnipperd
Wat Van de Weg beschrijft, staat niet op zichzelf. Ook Michiel Pot herkent het beeld vanuit zijn werk in regionale samenwerkingen. Volgens hem wordt in de zorg nog te weinig gekeken vanuit de patiëntreis. Patiënten bewegen zich langs verschillende zorgverleners, maar hun informatie beweegt nauwelijks mee.
De fax is inmiddels verdwenen, maar daarvoor in de plaats zijn vaak losse pdf-bestanden gekomen. Gegevens worden telefonisch opgevraagd, gemaild en als bijlage toegevoegd aan dossiers. Ze zijn lastig doorzoekbaar en nauwelijks geschikt om ontwikkelingen over tijd te volgen.
Juist dat overzicht is essentieel voor goede zorg. Zonder samenhangende data blijft het lastig om trends te herkennen en tijdig in te grijpen.
Databeschikbaarheid vraagt om kwaliteit en afspraken
Data beschikbaar maken is één ding, maar dat is niet genoeg. Minstens zo belangrijk is de kwaliteit en uniformiteit ervan. Medische gegevens kunnen op talloze manieren worden vastgelegd, wat uitwisseling complex en foutgevoelig maakt.
Technologie kan helpen, maar alleen als er duidelijke standaarden zijn. Dat vraagt om samenwerking tussen zorgorganisaties, leveranciers en beleidsmakers. Zonder gezamenlijke basis blijft iedere regio zijn eigen oplossing ontwikkelen.
Zorg organiseren rondom de patiënt
Volgens Huub Hopman krijgt databeschikbaarheid pas echt waarde wanneer die over de hele zorgketen heen wordt georganiseerd. Niet langer binnen één instelling, maar rondom de patiënt. Juist daar ligt de grootste winst, zeker nu de arbeidsmarkt onder druk staat.
Wanneer informatie direct beschikbaar is voor alle betrokken zorgverleners, zijn minder consulten nodig. Behandelplannen kunnen sneller worden opgesteld en de administratieve druk neemt af. Dat is niet alleen efficiënter, maar noodzakelijk. De zorg heeft simpelweg niet de mensen om dezelfde patiënt meerdere keren te zien omdat informatie ontbreekt.
Minder administratie, meer plezier in het werk
Voor Van de Weg raakt dit ook aan werkplezier. In haar praktijk is een volledige backoffice bezig met het opvragen en verwerken van medische gegevens. Mensen die hard nodig zijn, maar hun tijd besteden aan administratie in plaats van zorgondersteuning.
Dat probleem speelt ook buiten het ziekenhuis. Van de Weg beschrijft hoe in de wijkverpleging waardevolle tijd verloren gaat aan afstemming en telefoontjes om beleid te achterhalen, terwijl in het ziekenhuis een volledige backoffice nodig is om gegevens boven tafel te krijgen. Zoals zij het samenvat: ‘Niemand is zorgverlener geworden om alleen maar bezig te zijn om collega’s te bellen of data te achterhalen.’
De hoge administratieve druk draagt bij aan uitstroom uit het vak. Dat maakt de urgentie om het anders te organiseren alleen maar groter.
Data als basis voor betere zorgprocessen
Databeschikbaarheid is niet alleen belangrijk voor individuele patiënten, maar ook voor het organiseren van zorg. Pot wijst erop dat inzicht in capaciteit over de hele keten helpt om zorg beter te plannen en samen te werken.
Data kan verschillende doelen dienen: betere zorgkwaliteit, efficiëntere processen en toekomstbestendigheid van het zorgstelsel. Maar dat vraagt wel om samenhang en een gedeelde aanpak.
Waarom opschalen zo lastig is
De wens om sneller te gaan is breed gedeeld, maar de praktijk is weerbarstig. Technische afhankelijkheden, ontbrekende standaarden, wet- en regelgeving en de rol van leveranciers maken verandering complex.
Daarnaast kost transformatie tijd. Nieuwe processen moeten worden aangeleerd voordat ze effect hebben. Die leercurve wordt vaak onderschat. Ook opschaling blijft lastig. Goede initiatieven ontstaan in regio’s, maar worden lang niet altijd overgenomen. Samenwerking vraagt om vertrouwen, regie en doorzettingsvermogen.
De rol van zorgverzekeraars: verbinden en versnellen
Zorgverzekeraars kunnen helpen door overzicht te bieden en succesvolle voorbeelden te delen. Niet alleen successen, maar ook lessen uit wat minder goed ging. Zo kunnen regio’s van elkaar leren en sneller stappen zetten.
Daarnaast kijken zorgverzekeraars vooruit. Hoe blijven initiatieven bestaan na tijdelijke programma’s? Dat vraagt om duurzame financiering en duidelijke afspraken.
Van praten naar doen
Een terugkerend thema is de noodzaak om minder te praten en meer te doen. De urgentie wordt op de werkvloer sterk gevoeld, maar verdwijnt soms in overleg en afstemming.
Van de Weg pleit voor hoge ambities en meer druk op het openen van datasilo’s. Leveranciers spelen daarin een sleutelrol. Zolang systemen gesloten blijven, blijft databeschikbaarheid beperkt, met dagelijkse gevolgen voor werkdruk en zorgkwaliteit.
Wat het oplevert in de praktijk
Binnen DigiZorg wordt gewerkt met een regionale labviewer waarin labuitslagen uit verschillende bronnen samenkomen in één overzicht. Voor een internist betekent dat binnen enkele seconden inzicht in relevante trends.
Dat voorkomt dubbele onderzoeken, bespaart kosten en ontlast de patiënt. Het laat zien dat databeschikbaarheid geen abstract ideaal is, maar direct verschil maakt in de spreekkamer.
Oproep aan beleid en politiek: voer regie en durf
Aan het einde van het gesprek klinkt een duidelijke oproep aan beleidsmakers en politiek. Zorg voor landelijke standaarden, los knelpunten in wet- en regelgeving op en voer regie samen met zorgverleners en patiënten.
Wachten tot alle randvoorwaarden perfect zijn, is geen optie. De transformatie van de zorg vraagt om lef, samenwerking en de bereidheid om al doende te leren. Zoals Hopman het stelt: als we blijven wachten, blijven we waar we zijn.
De gedeelde ambitie is helder: betere, toegankelijke en betaalbare zorg voor iedereen. Dat vraagt geen perfect plan vooraf, maar de keuze om nu te beginnen.
